Skip to main content

Aanpakken als het kan. Aangeven als het niet gaat.

In de bouw moet het werk door. Planningen zijn strak, mensen zijn schaars en als er iets tegenzit, moet er snel een oplossing komen. Dat vraagt veel van uitvoerders, werkvoorbereiders, projectleiders en andere mensen op en rond het werk.


Juist onder druk doen we vaak wat we gewend zijn. Nog even doorwerken. Zelf het probleem oplossen. Niets zeggen om gedoe te voorkomen. Of juist korter en feller reageren dan we eigenlijk willen.


Maar goed samenwerken betekent niet dat je ieder probleem zelf moet oplossen. Wel dat je het aangaat.

 

Veilig werken begint met zeggen wat je ziet.

Veiligheid gaat over helm, schoenen, materieel en procedures. Maar ook over wat er tussen mensen gebeurt.


Durf je te zeggen dat iets niet veilig is? Een fout toe te geven? Een collega aan te spreken? Hulp te vragen als je het niet weet? Of aan te geven dat de planning niet haalbaar is?


Dat vraagt een werkomgeving waarin fouten niet onder het tapijt verdwijnen, maar worden gebruikt om ervan te leren. En waarin we niet alleen bespreken wat fout gaat, maar juist ook wat goed gaat.

Fouten mogen maken betekent niet dat veiligheid minder belangrijk wordt. Juist door erover te praten, kun je samen veiliger werken.

 

Zo brengen we beweging.

Geen lange verhalen over hoe het zou moeten. We werken met echte situaties uit het werk. Wat doe jij als de planning onder druk staat? Hoe spreek je iemand aan zonder dat het meteen gedoe wordt? En wanneer moet je doorpakken en wanneer juist even stoppen?

Zien wat er gebeurt.

Eerder merken wanneer de druk oploopt en wat dat met jou en anderen doet.

Weten wat van jou is.

Weten waar jij verantwoordelijk voor bent, wanneer je zelf handelt en wanneer je hulp inschakelt.

Zeggen wat nodig is.

Fouten, twijfels en onveilige situaties bespreekbaar maken. Elkaar aanspreken én luisteren als jij wordt aangesproken.

Niet alleen reageren uit gewoonte.

Doorpakken als dat nodig is. Hulp vragen als je vastloopt. Een grens aangeven. Of even stoppen als dat de veiligste en beste keuze is.

 

Leren op het werk. Met begeleiding tussendoor.

Het praktijklab bestaat uit drie gezamenlijke dagen, met het echte werk ertussen. Geen drie dagen stilzitten en luisteren. We oefenen, ervaren, bespreken herkenbare situaties en gaan ermee terug naar de praktijk.


Tussen de dagen door begeleiden we deelnemers met individuele coachingsgesprekken. Wat kwam je tegen? Wat ging goed? Waar liep je toch weer omheen? En wat kun je de volgende keer anders doen?

 

Wanneer zijn we tevreden?

Als mensen niet om problemen heen lopen, maar ze eerder bespreekbaar maken. Als ze elkaar durven aanspreken én hulp durven vragen. Als fouten worden gebruikt om samen te leren en successen ook worden gezien en gedeeld.


Want uiteindelijk willen we hetzelfde: veilig werken, goed werk leveren én met plezier naar je werk gaan.

Wendbaar als het kan. Weerbaar als het nodig is.

 

Koffie over een praktijklab voor jullie organisatie?